- Date
2004-04-00 - Publisher
de Architect (vaklectuur) - Author(s)
H. Tilman

Locatie

Studiemaquettes

Variant 1: Hoornsche schans | overzichtsmaquette

Variant 1: Hoornsche schans | doorsnedenmaquette

Variant 2: Onder de tuinen | overzichtsmaquette

Variant 2: onder de tuinen | doorsnedenmaquette

Variant 3: Thuishaven | overzichtsmaquette

Variant 3: Thuishaven | doorsnedenmaquette
De RAC-locatie is een strategisch gelegen binnenterrein aan de rand van het karakteristieke centrum van Hoorn. Terwijl het historische centrum op loopafstand ligt, is de locatie met de auto binnen enkele minuten bereikbaar vanaf de snelweg. Het terrein is vanuit het historische centrum bezien nauwelijks zichtbaar, maar het terrein openbaart zich echter wel aan arriverende automobilisten. De gewenste parkeervoorziening wordt een entreeportaal voor de stad en is hiermee een belangrijk onderdeel van de openbare ruimte. Uitgangspunt voor dit stedenbouwkundig onderzoek is de inpassing van een bovengrondse parkeervoorziening met een variabele capaciteit tot maximaal 450 parkeerplaatsen, waarmee tegemoet wordt gekomen aan de toekomstige parkeerdruk op de oostflank van de stad. Tevens is onderzocht of het parkeerprogramma kan worden uitgebreid met woningen en voorzieningen.
Het relatief besloten karakter van de locatie vereist bijzondere aandacht bij het ontwerp van woningen. Introvertheid is als vertrekpunt genomen de nieuw woningtypologie. De bestaande scholen worden herbestemt tot sfeervolle stadsappartementen. Het hoofdvolume aan de singel is tevens geschikt als representatieve entree tot de parkeervoorziening. Door deze entree zover mogelijk in de richting van het centrum te positioneren, wordt de psychologische afstand tussen de garage en het winkelkerngebied zo klein mogelijk gehouden.
VARIANT 1: HOORNSCHE SCHANS is een bovengronds parkeerdek in het verlengde van de invalsweg. De arriverende auto's worden op vanzelfsprekende wijze opgevangen voordat ze het centrum bereiken. Deze variant bewijst dat een bovengrondse garage mogelijk is zonder dat dit tot morfologische conflicten hoeft te leiden. Aan het parkeerdek kunnen kleinschalige voorzieningen toegevoegd worden.
VARIANT 2: ONDER DE TUINEN toont een woningdek van een verdieping dat boven de parkeervoorziening 'zweeft'. De woonvertrekken zijn georiënteerd op private tuinpatio's. Deze patio's staan in directe verbinding met een groen daklandschap dat alleen toegankelijk is voor bewoners. Iedere woning heeft een ruimte die zich verheft boven het woondek en uitkijkt over het semi-openbare groene daklandschap.
VARIANT 3: THUISHAVEN vormt de synthese tussen een parkeergarage en woningen. Het introverte karakter van de locatie wordt bij deze variant aangegrepen om hier een unieke stedelijke setting te creëren. Een mix van bijzondere woontypologieën in combinatie met atelierruimte, praktijkruimte en/of kleinschalige bedrijvigheid biedt condities voor een levendige en vlijtige omgeving op loopafstand van de binnenstad.

De drie kleine panden in Antwerpen zijn in de loop der jaren samengevoegd tot een volledig hybride pand. Gevraagd was om in dit ruimtelijk staketsel een representatieve kapperszaak te ontwerpen. Besloten is om de bestaande structuur zoveel mogelijk te consolideren en volledig te betegelen zodat er een nieuwe architectonische perceptie van de ruimte ontstaat. Dit heeft geleid tot een bizarre gerafelde ruimte geleid, waarbij de nissen of 'fjorden' het meer private programma van de kapper aan het zicht ontrekken, zonder het af te hoeven scheiden met deuren.

Foto: N. van Onna

DOORSNEDEN

1. BEGANE GROND/ 2. EERSTE VERDIEPING

1. LOCATIE/ 2. BERGMANNSTRAAT/ 3. JAN VAN DER NOOTSTRAAT/ 4. BREDEROLAAN


Het kerkgebouw is in 1955 door architect B.A. Schinkel gebouwd als plaats van samenkomst voor een kerkgenootschap. De kerk is geconstrueerd op een stramienmaat van 3,60m die in het ontwerp wordt overgenomen als beukmaat voor de woningen. Hierdoor ontstaan vier smalle woningen van 23 meter lang, de volle diepte van het perceel. De woonkamers van deze appartementen bevinden zich in het kerkvolume en zijn aan de voorzijde dubbelhoog zodat de oorspronkelijke kerkvensters het licht tot diep in de woning kunnen brengen. Buiten het kerkvolume versmalt het woonvolume om zoveel mogelijk licht te vangen in de woning alsmede in de parkeerkelder. In dit deel van de woning bevindt zich de keuken, deze vormt feitelijk de brug naar de achtergelegen, meer private vertrekken. Vanuit de keuken wordt niet alleen de woning gecontroleerd, maar kan ook zicht gehouden worden op de parkeergarage. In het verlengde van de keuken bevindt zich een gang die onder meer een slaapkamer ontsluit die terugkijkt op de woning. Een trap aan het einde van de woning biedt toegang tot een tweede slaap- of studeerkamer met aangrenzend dakterras. In het resterende deel van de kerk zijn twee bovenwoningen gesitueerd, ieder met een breedte van twee traveeën. Deze woningen zijn toegankelijk via de voormalige entree van de kerk. Ten behoeve van de bovenwoningen, wordt het dakvlak van de kerk aan weerszijden verrijkt met een serie kapellen. Deze kapellen grijpen nauwgezet in elkaar en zijn van dusdanige afmetingen dat ze samen het gehele dak opnieuw plooien en van een machinale ritmiek voorzien. De achtste woning is een volledig nieuw te bouwen volume direct boven de entree van de parkeerkelder.
De nieuwe woonkerk die samengesteld is uit oorspronkelijke en nieuwe elementen wordt uiteindelijk ingepakt in zink, waarmee het als een bouwlichaam een nieuwe architectonische identiteit verwerft.
Subscribe to RSS